We overnachten regelmatig in een kerk. Daar zijn we al zo aan gewend dat we het bijna vanzelfsprekend vinden. Er zijn uitzonderingen. Deze staat in Jeffrey City, een gehucht in het lege Wyoming. Vroeger was het een welvarend dorp vanwege de uraniummijnbouw. Duizenden arbeiders verdienden hier de kost. Er waren vier restaurants, een school en diverse motels. In 1980 werd de mijn gesloten. Nu wonen er nog 58 mensen. Er staat een krakkemikkige benzinepomp, een slonzig motel en een vaag cafe-restaurant.

Daarachter wat vervallen huizen, waar onze reisgenoten MJ en Marnie zich niet happy bij voelen. Ze sliepen vorige nacht in het Hilton Hotel en dit is iets anders. Overwegen om door te rijden heeft geen zin. De eerstvolgende plaats om te overnachten ligt 90 kilometer verderop. Amerika kent vele kerken, baptisten, methodisten, presberitanen, mormonen en wat al niet meer. Dit is gewoon een community kerk. Is wel zo handig met 58 zielen. Als er ook nog verschillende geloven worden beleden in dit dorp kunnen ze wel een dienst in een huiskamer organiseren.

De kerk staat buiten het dorp en elke derde zondag van de maand is er een dienst. Via een zandweggetje komen we bij het gebouw. Ondertussen wel opletten dat je niet in de buurt van een ratelslang komt. Die schijnen hier volop aanwezig te zijn. De achterdeur is los en we kunnen naar binnen.

Niks geen kerk, maar een oude sporthal, met volop teksten van vorige fietsers op de muur. Er is een keuken en badkamer met warme douche! Er zijn diverse kamers waar al opblaasmatrassen op de grond liggen. Voor in het gebouw bevindt zich de kerk. MJ en Marnie kijken elkaar aan en zijn blij dat wij hier willen blijven. Voor geen goud is dit hun idee van overnachten.

Even later arriveren AJ en Jenny. Hij is expert in softwarebeveiliging en zij anesthesieverpleegkundige. Zij zijn zogenaamde eastbounders, omdat zij van het westen naar het oosten fietsen.

Zij zijn ‘between two jobs’ en leren op deze manier hun eigen land beter kennen. Ook zij vallen tijdens hun reis van de ene verbazing in de andere en zijn van mening dat het land beter kan worden opgedeeld in meerdere delen. Zo verschillend is de bevolking en ook hun maatschappelijke opvattingen en behoeftes.

We eten in het vage Split Rock Cafe. De serveerster is van een uitzonderlijke geestelijke afwezigheid en geeft bij voorbaat aan dat ze erg moe is. Dat is te merken, want in tegenstelling tot wat gebruikelijk is, moeten we hier net zo lang op ons eten wachten als in een Nederlands restaurant.

We wandelen terug naar de kerk en spelen met z’n zessen een spelletje kaart. Uiteraard plaatsen we onze naam op de muur.